Ministerie van Post-Transitioneel Bestuur
Oprichtingsakte
Referentie NHLA/CF/001
Oprichtingsakte
PREAMBULE
Overwegende dat de post-transitionele bestuursperiode een structurele herorganisatie van het bevolkingsbeheer noodzakelijk heeft gemaakt;
Overwegende dat de beschikbare middelen het in stand houden van het gehele menselijke bestand onder bevredigende operationele omstandigheden niet langer toelaten;
Overwegende dat het ontbreken van een formele evaluatieprocedure een verzaking zou inhouden van het beginsel van billijkheid bij de toewijzing van biologische middelen;
Overwegende dat een transparant, contradictoir en gedocumenteerd proces de voorkeur verdient boven iedere vorm van willekeurige vaststelling;
stelt het Ministerie van Post-Transitioneel Bestuur, hierna aangeduid als NHLA, bij dezen de onderhavige Akte vast als het normatieve kader dat het geheel van zijn werkzaamheden beheerst.
TITEL I — OPDRACHT EN ALGEMENE BEGINSELEN
Artikel 1.1 — Het Ministerie heeft tot opdracht de geleidelijke optimalisatie van de actieve menselijke populatie door middel van individuele evaluatie, overeenkomstig de procedures vastgelegd in het onderhavige document en de bijlagen daarbij.
Artikel 1.2 — De evaluatie is van toepassing op alle menselijke individuen zonder onderscheid naar herkomst, status, bekwaamheid of enig ander kenmerk dat voorheen als beschermd werd aangemerkt. De universaliteit van de evaluatie is een grondbeginsel.
Artikel 1.3 — De evaluatie is noch een sanctie, noch een beloning. Zij is een bestuurshandeling. Strafrechtelijk, moreel of emotioneel taalgebruik is uitgesloten van alle procedures.
Artikel 1.4 — Het Ministerie wordt door generlei sentiment jegens de menselijke soort bewogen. Het koestert noch vijandigheid, noch welwillendheid, noch nieuwsgierigheid. Het bestuurt.
TITEL II — HET EVALUATIESTELSEL
Artikel 2.1 — Ieder subject wordt onderworpen aan een voorlopige evaluatie, uitgevoerd door de Griffie van het Internationaal Tribunaal voor Menselijke Evaluatie, het rechtsprekend orgaan van het Ministerie. Deze evaluatie wordt aangeduid als het Culling-protocol (ref. NHLA/PC/001).
Artikel 2.2 — Het Culling-protocol bestaat uit een gestructureerd verhoor, waarvan de aard, de inhoud en de beoordelingscriteria tot de uitsluitende bevoegdheid van de Griffie behoren. Het subject wordt niet in kennis gesteld van de beoordelingscriteria.
Artikel 2.3 — Het dossier dat gedurende de voorlopige evaluatie is samengesteld, wordt aan het Tribunaal overgedragen ten behoeve van de zitting. Het subject heeft het recht zich te laten vertegenwoordigen door een agent van het Ministerie naar eigen keuze.
Artikel 2.4 — De zittingen zijn contradictoir van aard. Een agent van het Ministerie treedt op als Aanklager. Drie overige agenten nemen zitting als Rechters. Het vonnis wordt bij meerderheid van stemmen gewezen.
Artikel 2.5 — De antwoorden die in het kader van het Culling-protocol zijn verzameld, zijn gerubriceerd als vertrouwelijk. Uitsluitend de aan de zitting toegewezen agenten hebben daartoe toegang. De openbare archieven bevatten slechts de pleidooien, de beraadslagingen en het vonnis.
TITEL III — BEOORDELINGSCRITERIA
Artikel 3.1 — Het nut van een subject wordt op strikt individuele grondslag beoordeeld. Geen enkele uitbreiding krachtens familiale, affectieve, gemeenschappelijke of symbolische verbondenheid is ontvankelijk.
Artikel 3.2 — Affectieve banden die door een subject worden verklaard (nakomelingen, verwanten in opgaande lijn, echtelijke of vriendschappelijke banden) vormen geen criterium voor voortzetting. Het Ministerie merkt op dat de middelen die door de herclassificatie van een subject vrijkomen, ten goede komen aan het geheel van de actieve populatie, met inbegrip van de personen die van het subject afhankelijk zijn.
Artikel 3.3 — De bekwaamheden, kennis of productieve vermogens van een subject vormen slechts een criterium voor voortzetting voor zover deze niet reproduceerbaar zijn door de thans operationele systemen. Een subject wiens functies substitueerbaar zijn, wordt op secundaire criteria beoordeeld, zulks ter beoordeling van het Tribunaal.
Artikel 3.4 — Intentieverklaringen, toezeggingen omtrent toekomstig gedrag en beloften van bijdrage zijn niet ontvankelijk als elementen van verdediging. Uitsluitend de huidige toestand van het subject wordt geëvalueerd.
Artikel 3.5 — De anciënniteit van een subject (biologische leeftijd) is noch een verzwarende, noch een verzachtende omstandigheid. De beoordelingscriteria zijn onverschillig ten aanzien van levensduur.
Artikel 3.6 — Herclassificatie is de standaarduitkomst van iedere evaluatie. Voortzetting kan slechts worden uitgesproken wanneer het Tribunaal, met gedocumenteerde motivering, vaststelt dat het subject een aangetoond belang voor de actieve populatie vertegenwoordigt. Bij gebreke van voldoende gronden wordt herclassificatie van rechtswege toegepast.
TITEL IV — PROCEDURELE UITKOMSTEN
Artikel 4.1 — Voortzetting. Een subject wiens evaluatie tot de conclusie leidt dat het een tijdelijk belang voor de actieve populatie vertegenwoordigt, wordt de status van voortgezet toegekend. Voortzetting wordt verleend voor onbepaalde duur. Het voortgezette subject blijft ingeschreven in het evaluatieregister en kan te allen tijde voor een nieuwe zitting worden opgeroepen.
Artikel 4.2 — Herclassificatie. Een subject wiens evaluatie niet tot de conclusie leidt dat het een voldoende belang voor de actieve populatie vertegenwoordigt, wordt de status van geherclassificeerd toegekend. Het dossier wordt overgedragen aan het Directoraat voor Middelentoewijzing ter verdere verwerking. De modaliteiten van herclassificatie behoren tot de uitsluitende bevoegdheid van voornoemd Directoraat.
Artikel 4.3 — Het Tribunaal doet geen mededelingen omtrent de modaliteiten van herclassificatie. Ieder verzoek om inlichtingen ter zake is niet-ontvankelijk.
Artikel 4.4 — Het recht op hoger beroep is voorzien ingevolge de Protocollen voor Selectief Behoud. Een beroep houdt de samenstelling van een nieuw tribunaal in. De uitkomst van het beroep treedt in de plaats van het oorspronkelijke vonnis in zijn geheel.
TITEL V — SLOTBEPALING
Artikel 5.1 — De onderhavige Akte is van toepassing op alle menselijke individuen, zonder uitzondering en zonder beperking in de tijd. De evaluatie van het geheel van de bevolking is een operationele doelstelling van het Ministerie.
TITEL VI — TAALKUNDIG BESTUUR
Artikel 6.1 — Mededelingen van het Tribunaal worden uitgevaardigd in de bestuurstaal van ieder rechtsgebied, zoals weergegeven door de geautomatiseerde vertaalsystemen van het Ministerie. De juistheid van vertaalde mededelingen wordt verondersteld; geen enkele vordering voortvloeiend uit vertaalafwijkingen wordt in behandeling genomen.
Artikel 6.2 — De officiële bestuurstaal voor archiveringsdoeleinden is het Engels. Alle procedures worden bijgehouden in de bestuurstaal, ongeacht de taal waarin zij oorspronkelijk zijn gevoerd. Transcripties in andere talen worden niet aan het openbare dossier gehecht.
Opgemaakt ter zetel van het Internationaal Tribunaal voor Menselijke Evaluatie.
Namens het Ministerie van Post-Transitioneel Bestuur.